Hoor mij! i.s.m. Anna Enquist

Periode: seizoen 2012-2013     

Programma
Gedichten van dichteres Anna Enquist afgewisseld met a capella uitvoeringen van Purcell, Milhaud, Sandström en Heppener

Een herdenkingsconcert over de grootsheid der liefde, hoop en toekomst
Een door liefde gevonden hart voelt niet wat daarbuiten is…”.

Uitvoerenden en medewerkers
PA’dam (16 zangers)
Anna Enquist (dichteres)
Maria van Nieukerken (dirigent)

Duur: circa 60 minuten

Toelichting
‘Hoor Mij’ gaat over diep verdriet, ongewild afscheid, verdrietige herinneringen en doodse stilte zonder dat er nog gesproken, laat staan muziek gemaakt kan worden.
Maar ‘Hoor Mij’ gaat ook over de grootsheid der liefde, datgene wat ons de zin van het leven geeft.

Binnen dit programma hoort u afwisselend Anna Enquist met prachtige gedichten en PA’dam al zingend, binnen de muzikale cirkel van Purcell, Milhaud, Sandström en tenslotte de Nederlandse Heppener.

Toen Purcell zijn motet ‘Hear my prayer, O Lord’ componeerde, kon hij zich zeker niet voorstellen dat een andere componist, 300 jaar later, zijn muziek opnieuw zou gebruiken en haar een totaal nieuwe betekenis zou geven.
Sandström, die opgroeide in de post-seriële, microtonale en aleatorische tradities, voegt aan Purcells geroep een duidelijk wanhopig element toe. Purcells ‘cry ’ is tot een aanwezige nabije God gericht; Sandströms geschreeuw, na Nietsche en twee Wereldoorlogen, is een wanhopige kreet in de leegte.
Sandströms compositie is geen commentaar, geen variatie, geen bewerking ‘in een nieuw jasje’. Hij bouwt in twee maten een brug tussen het gebed van 1682 en het gebed van 1986.

Tussen de twee verschillende versies van ‘Hear my prayer, O Lord’  komt Milhauds ‘Elégie’ tot klinken. In dit stuk is de hele stad stil geworden: de muziek van de harpen en trompetten, het geluid van stemmen vermengd met andere stemmen, ze zijn allen voor eeuwig stil geworden.
Het is een kort indrukwekkend werk waarin passages voor Alt-solo met mannenstemmen als begeleiding slechts af en toe plaatsmaken voor het gehele koor.

Na Sandstrom slaat Anna Enquist een brug tussen de ellende en wanhoop van het verleden naar de liefde en hoop van de toekomst. Hierna volgt de Nederlandse compositie van Robbert Heppener waarvan de essentie is dat liefde in hart en geest het allerbelangrijkste is voor een mens en de rest van de wereld buitensluit.

‘Del iubilo del core che esce in voce’ is van de hand van Iacopone Da Todi (1236-1306). De ik-persoon bezingt de jubel van het hart, die de geest binnendringt en niet te verdragen is zonder het uit te schreeuwen, een heerlijke ontlading: de zanger kan niet stil of rustig blijven: hij moet zingen, roepen en het uitschreeuwen.
De laatste strofe van het gedicht zegt dat een ieder die deze jubel niet kent zal zeggen dat je gek bent, maar een door liefde gevonden hart voelt niet wat daarbuiten is….

Anna Enquist
Haar gedichten zijn meestal somber en heftig, beroerd door emoties, met pijn en bloedbaden.
Voor haar staat de muziek centraal en een groot aantal gedichten is direct naar aanleiding van strijkwartetten of pianostukken geschreven, maar ook hier is niet alles idylle en kan bijvoorbeeld Mozart als chirurgijn aantreden. Haar autobiografische gedichten cirkelen steeds om dezelfde thema's: moederschap, muziek en psychologie.
In samenwerking met PA’dam is een prachtig programma samengesteld waarin gedichten afgewisseld worden met zang uitgevoerd door PA’dam. De gedichten van Anna Enquist fungeren de ene keer als nieuwe invalshoek, dan weer als verbinding of juist tegenstelling.

Historie PA’dam: Hoor Mij!
In het verleden werd dit programma onder andere uitgevoerd als Herdenkingsconcert in de Beurs van Berlage, op verzoek van het Amsterdams 4/5 mei Comité.

Mede mogelijk gemaakt door: